Duurzaamheid van sterke merken begint bij aandacht


Deze column werd gepubliceerd in MarketingTribune jaargang 36 – 05/19, maart 2019

Geen ‘groen’ of activistisch verhaal uit mijn koker, alhoewel ik genoeg idealen heb in die richting. Het woordje ‘duurzaamheid’ in de titel gaat in dit geval over houdbaarheid, over de lange termijn. Als je eenmaal een sterk merk bent, hoe blijf je dat dan? Sterke duurzame merken hebben gemeen dat ze bekend zijn – bij hun stakeholders -, dat er sprake is van loyaliteit en dat ze gewaardeerd worden. Verhoog je ieder jaar je marketingbudget, verzin je samen met high-end bureaus steeds méér en grotere campagnes, maak je steeds meer herrie in de markt?

Om het wat kleiner te maken: hoe word of blijf je persoonlijk een sterk ‘merk’? Als marketeer wil ik me blijven ontwikkelen en onderscheiden. Dat doe ik door meet-, merk-, en voelbare waarde toe te voegen voor mijn stakeholders en bij voorkeur sámen met hen. Omdat ik duurzame impact wil hebben om het niet alleen goed te doen voor mezelf, maar ook voor de ander en de wereld. Door te luisteren, vragen te stellen, ze aandacht te geven. Een memorabele positieve merkbeleving achterlaten. Daarom kies ik onder andere voor permanente educatie.

“Sterke merken moeten niet kabbelen, maar kiezen”

Dat betekent regelmatig lezen, social media volgen en online in dialoog gaan, offline netwerken, schrijven – omdat het mij dwingt tot nadenken over visie en scherpte – en diverse kennissessies of andere inspirerende (marketing) bijeenkomsten bezoeken. Scherp blijven, keuzes maken en vooruit kijken.  Duurzaamheid van sterke merken gaat over een duidelijke en onderscheidende gezamenlijk gedeelde missie, relevantie, lef en wendbaarheid. Niet kabbelen, maar kiezen. Het zijn de mensen binnen de bedrijven die dit voor elkaar krijgen. Die het merk zíjn. Ik zie om me heen dat veel marketeers – maar ook ondernemers – het lastig vinden om in hun merk te investeren voor de langere termijn.

De ROI van marketing blijft lastig hard te maken, al zijn er zeker modellen en formules die hierbij kunnen helpen. Verder vooruitkijken en risico’s nemen vergt lef. Juist door vooral bezig te durven zijn met de lange termijn, profiteer je van de winst op korte termijn. Wat heb je te verliezen als je doet waar je in gelooft en waarvan je inschat dat het waarde toevoegt voor je stakeholders? Met durven te kiezen verlies je misschien klanten, omdat ze zich niet meer kunnen vinden in waar je als merk voor staat, maar het levert waarschijnlijk ook weer nieuwe klanten op, die je uitgesproken koers wel weten te waarderen. Oprechte aandacht voor je brand life cycle – en vooral voor de mensen die dit merk samen vormen – daar begint het mee wat mij betreft, want alles wat je aandacht geeft groeit.

Advertenties

NIMA Next 50: Menselijke Marketing


tijdcapsule jubileum NIMA 50 jaar Je viert je vijftigste verjaardag en begraaft je toekomst onder de grond. Omdat je er niet meer in gelooft? Integendeel! In Bunnik worden op 1 december a.s. diverse marketinginzichten in een tijdcapsule onder de grond gestopt door het NIMA. Er wordt dan stilgestaan bij wat er de afgelopen vijftig jaar bereikt is als marketingvereniging, maar vooral wordt er vooruitgekeken. 

Het Nederlandse Instituut voor Marketing werd op 1 december 1966 opgericht voor en door toonaangevende marketeers. Destijds startte de beroepsvereniging in vier belangrijke branches: textiel, levens- en genotmiddelen, de metaalindustrie en de dienstensector. Wat is er allemaal veranderd in die vijftig jaar en belangrijker: hoe zien wij als marketeers de toekomst?

Vanuit mijn bestuursfunctie van NIMA regio Zuid gaat onderstaande column over hoe ik marketing in de toekomst zie, mee de grond in. Ik kijk niet graag ver vooruit en leef liever in het nu. Wel volg ik de ontwikkelingen op de voet, om mee te kunnen bewegen met wat komen gaat. Vanuit mijn eigen waarden en met een nieuwsgierige en optimistische blik.
Hopelijk kijk ik over vijftig jaar in goede gezondheid terug op een fijn en waardevol leven, waarin ik mijn steentje bij heb kunnen dragen aan een betere en mooiere (marketing)wereld.

menselijke-marketing

Menselijke Marketing

Is marketing anno nu wezenlijk anders dan twintig jaar geleden? Is het oude wijn in nieuwe zakken op wat technologie na, zoals sommige marketeers beweren? Het blijft in de kern het  tot stand brengen en verbinden van vraag en aanbod, bij voorkeur afgestemd op de behoefte van de klant, met ‘winst’ als resultaat. Al zijn de meningen van marketeers over dé definitie verdeeld en sinds social media nauwelijks te ontwijken.

Een blik in de toekomst, bekeken vanuit mijn B2B-achtergrond. Zijn we over vijf jaar allemaal in de ban van robots, die ervoor gezorgd hebben dat we nog maar drie dagen per week werken, omdat er simpelweg niet meer werk is? Heeft data ons vak over tien jaar overbodig gemaakt, doordat alles voorspeld, automatisch geproduceerd én uitgevoerd wordt? We wonen in CO2-neutrale woningen geprint door 3D geprinte printers. Supermarkten zijn overbodig, want ons 100% verantwoorde maaltje printen we gewoon zelf. Overleggen met wie dan ook over wat dan ook, doen we op agile-achtige wijze met hologrammen die we plaatsen waar het ons op dat moment uitkomt.
Of komen we ons huis niet meer uit, omdat we de hele wereld al bekeken hebben in virtuele realiteit die niet van echt te onderscheiden is?

Zeker onzeker
We zitten in een transitiefase, dat is een ding dat zeker is in deze onzekere tijd. Deze periode wordt door kenners vergeleken met de industriële revolutie, maar dan heftiger. Verwarrend voor velen en zelfs pijnlijk. Economische groei, welvaart en zekerheid zijn minder vanzelfsprekend dan voorheen. Al leven we ook duurzamer en minder hiërarchisch. Er is volop aandacht en ruimte voor zingeving, verbinding en welzijn. Emotionele groei dus.

Wat in deze onzekere tijden met zekerheid gezegd kan worden, is dat je als marketeer niet meer kunt doen wat je twintig jaar geleden deed. Reflectie en lenigheid zijn noodzakelijk.

Wat is en blijft is de mens. Althans: ik denk dat hij over vijftig jaar nog wel bestaat. Met gevoelens en gedachten. Die te beïnvloeden, maar ook onvoorspelbaar en grillig zijn en hopelijk blijven. Omdat ze de klantenpas die hun koopgedrag perfect beheert even aan hun moeder uitlenen. En die na tien keer linksom, een keer rechtsom gaan. Tegendraads of onbewust. Heerlijk!

Ik weet niet wat het met jou doet, maar ik maak me er weinig zorgen over. Ik zie (in B2B) juist veel kansen, om in deze rationele wereld het onvoorspelbare te koesteren. Met persoonlijke aandacht en menselijke marketing.

Cobouw column: Van irritant naar relevant


Van irritant naar relevant

van irritant naar relevant

 

 

 

 

 

 

 
De tijd van alleen maar zenden en zelf roepen hoe goed je bent zonder te vragen of je klant daar op zit te wachten, is voorbij. Althans: als het aan je klanten, prospects en andere stakeholders ligt.

De test of dit ook voor jou geldt is simpel: vraag je af of jij blij wordt van alle colporteurs die je telefonisch of zelfs via je eigen voordeur lastig vallen op momenten dat het jou totaal niet uitkomt. Is het antwoord nee, dan weet je genoeg. In 2018 wordt een nieuwe wet m.b.t. privacy van kracht. Die houdt in dat je alleen nog openbare gegevens van klanten mag gebruiken om ze te benaderen. Of ze moeten expliciet toestemming hebben gegeven voor het toesturen van je nieuwsbrieven, blogs, whitepapers, infograpics, video’s of andere vormen van content. Je mag hun persoonlijke voorkeuren niet meer zomaar uit je marketing automation systeem destilleren en inzetten om onbeperkt aanbiedingen te doen. Klinkt best logisch toch?

Lees verder op cobouw.nlcobouw column van irritant naar relevant

Cobouw column: Geloofwaardigheid


Geloofwaardigheid

Wie de term ‘containerbegrip’ bedacht heeft weet ik niet, maar dagelijks kom ik woorden tegen die dit predikaat verdienen, omdat de gebruikers ze helaas niet geloofwaardig gebruiken. Hoe blijf je geloofwaardig? Ik schreef er een column over voor Cobouw die verschenen is op 20 april jl.

Net als in de marketing worden we in de bouw overspoeld met holle frasen. Wat typische containerbegrippen zijn als ‘duurzaamheid’, ‘partnerschap’ en ‘ontzorgen’ voor de bouw, zijn  ‘klantbeleving’, ‘inspiratie’ en ‘authenticiteit’ voor marketeers.

Jammer eigenlijk, want met de woorden an sich is niks mis. De vraag is alleen hoe ze gebruikt worden. Zoals het woord containerbegrip al aangeeft: te pas en te onpas en inhoudsloos. Het zijn kreten geworden en ze hebben flink ingeboet op zeggingskracht. Dat ligt niet aan de woorden zelf, maar aan de gebruiker. En vooral de manier waarop hij ze gebruikt. Want in de basis zijn dit erg positieve begrippen die, mits bewezen, bijdragen aan een meer effectieve en efficiënte relatie met je klant of leverancier. Zet je ze echter in om snel te kunnen scoren en populair over te komen, dan slaan ze de plank finaal mis.

>>  lees verder op Cobouw.nl

cobouwColumn21042016

Cobouw column: Beslissen of besluiten


Beslissen of besluiten

Soms schrijf je iets en twijfel je of het wel aansluit bij de wensen van de lezers. Dat gevoel heb ik niet vaak, (want uiteraard doe je je uiterste best om dat te voorkomen) maar bij onderstaande column voor Cobouw had ik dat gevoel wel. Ik werd dan ook verrast door het aantal reacties en retweets, juist op deze column die woensdag 17 februari jl. online kwam en donderdag 18 februari jl. verscheen in het dagblad voor de bouw. Leuk vind ik dat!


Een paar jaar geleden waren we toe aan een nieuwe huisstijl, website en documentatie bij Berkvens. Dus schreven we een pitch uit. Enkele partijen werden uitgenodigd en op een ochtend kregen we achtereenvolgens de wilde plannen en creatieve ideeën gepresenteerd van drie verschillende reclamebureaus die we hiervoor hadden uitgenodigd.

Aangezien we maar één huisstijl, website en documentatielijn nodig hadden, vielen er twee partijen af. Jammer voor hen. En zonde ook. Van hun indrukwekkende moodboards, energie, tijd en dus geld. In de bouw werkt het natuurlijk net zo. Je schrijft een pitch uit in de vorm van een tender en tig partijen doen meer dan hun stinkende best om de opdrachtgever te verrassen.

Lees verder op Cobouw.nl

cobouw column

 

Cobouw column ‘Samen met je klant op reis’


Bij Berkvens zitten we middenin een zeer interessant Customer Journey-traject. We vragen onze klanten naar hun gedachten en gevoelens bij de samenwerking met ons, in plaats van dat we aannames doen over wat ze écht belangrijk vinden. (En ja, dit kan zelfs in de bouw!) Inmiddels zijn we druk bezig om alle 23 klantinterviews te analyseren.

In deze column, die ik schreef voor Cobouw, deel ik mijn bouw-blooper. Ik hoop dat je er net zo hard om kunt lachen als ik 🙂

Bouwlocatie Amsterdam IJburg, een meer dan druilerige maandagochtend. Of eigenlijk stormde het gewoon. Hard. Het bouwhek dat omwaaide, miste mijn zorgvuldig tussen een grote en een diepe plas geparkeerde auto op een haar. Omdat ik die ochtend nog niet wist dat ik op een bouwplaats zou terechtkomen, was ik er niet op gekleed. Een ‘koud’ colbert, een kansloos vouwparapluutje en suède laarsjes met hoge hak. Niet de beste combinatie met windkracht 8, veel regen en nog meer modder.

Aanleiding was een interview met een uitvoerder voor ons ‘customer journey-onderzoek’. Weten wat de klant écht van je vindt bij alles wat je doet. Van hem horen wat voor hém belangrijk is, in plaats van zelf aannemen wat dat kan zijn.   

Lees hier de hele column

cobouw, column, januari 2016, customer journey

Cobouw column ‘Wil je met me daten?’


Ben je wel eerlijk als je communiceert dat je je klant centraal zet? Besef je dat je dat keer op keer weer moet bewijzen aan hem en aan jezelf? Passen jullie nog bij elkaar, want weet je wat hem écht beweegt? Ik schreef er een column over, die recent verscheen in Cobouw

Wil je met me daten?

De klant centraal. Dat klinkt vrij logisch, toch? Hem centraal zetten in je processen. In marketingland word je er al een tijdje mee om de oren geslagen en dat is hopelijk goed nieuws. Want ‘consument als we allemaal zijn’, zouden we dat dus snel zelf moeten (gaan) merken, die oprechte interesse in ons.

Maar besef je dat je een belofte doet, als je zegt dat je klant centraal staat? Ben je je bewust hoe lastig dat misschien te realiseren is binnen jouw organisatie en wat er moet veranderen om te practisen wat je preacht? En dat het dus verder gaat dan het alleen te roepen? Je moet het bewijzen. Iedere dag weer. Als je tevreden bent met een 7 dan is de kans dat deze wederzijdse onverschilligheid uitgroeit tot een langdurige, loyale relatie niet zo groot.

Weet je daarentegen wat je klant beweegt, waar hij gelukkig van wordt en waar hij van wakker ligt en probeer je hem daar oprecht in tegemoet te komen, dan is er hoop. Op partnerschap en ketensamenwerking. Want dat is ook iets waar we in de bouw van houden, als we alle mooie woorden mogen geloven.

Als je het bekijkt als een goed huwelijk, dan is het geven en nemen. Elkaar vertrouwen. Maar ook als het even tegen zit, er het beste van te maken. Samen, vanuit de relatie. En dus niet altijd gaan voor het onderste uit de kan en de laagste prijs. Dan is de liefde snel over.

Wat een open deuren, hè? Ik hoop dat je dat vindt en vooral je klant ook. Twijfel je hier aan? Nodig hem dan eens uit voor een date en toon oprechte interesse. Als hij nog bij je past, zal hij je uitnodiging ongetwijfeld accepteren. Aan jou de kans om hem (weer) voor je te winnen.

Cobouw_wiljemetmedaten

Cobouw column – Durf te kiezen!


Durf te kiezen!

Je bewust zijn van hoe de wereld tegenwoordig draait, zeker in een zakelijke omgeving met een lange historie vergt aanpassingsvermogen. Wat wil je zijn voor wie? Durf je te kiezen en wil je dat? Ik schreef er een column over in Cobouw

Waarom maak en verkoop jij je producten en diensten? Vind je dat een rare vraag? Of één die lastig te beantwoorden is? Het is helaas niet origineel als het antwoord luidt: “omdat we dat al jaren doen”. Of: “om onze fabriek of ons bedrijf draaiende te houden”.

Er zijn nog veel bedrijven (in en buiten de bouw) die zo werken. Of het antwoord toekomstbestendig is, merk je cynisch genoeg vanzelf wel. Feit is dat de levensduur van bedrijven flink afneemt. Was dat in 1958 nog meer dan zestig jaar (bij beursgenoteerde ondernemingen), nu is dat al gezakt naar minder dan twintig jaar. Maar ook in het mkb is het aan de orde. Binnen honderd jaar is de levensduur van bedrijven met meer dan 80 procent afgenomen!

Wat heeft jouw voorkeur? Lijdzaam toezien of leiden? Anders dan in het verleden, is het minimaal handig als je weet waar je als organisatie voor staat. Dat je ook onderzoekt hoe het gesteld is met jouw ‘verandervermogen’ en dat je positie inneemt. Dat je durft te kiezen! Als je alles wilt zijn voor iedereen, ben je misschien wel niks voor niemand.

Zo is het ook met je klanten. Als je graag een ketenpartner wilt zijn en samen wilt werken, maar je krijgt de vraag van je klant om slechts leverancier te zijn, vraag je je dan af of je klant wel past bij waar je als bedrijf voor staat? Of hij je genoeg (energie) oplevert? Heb je een band met hem of sta je in verbinding? Kiezen moet niet, maar mag. Ook dat is een keuze.

Wat dit met (online) marketing te maken heeft? Alles! Als je dat wilt uiteraard. Marketing kan je helpen in de vertaalslag van ‘doen wat je deed’ naar de nieuwe werkelijkheid. In het maken van die verbinding, zowel buiten als binnen de organisatie. Ben je bewust van de kracht van de digitalisering en internet en zie het als kans. Aan (bouw)marketeers de taak te bewijzen dat gebakken lucht óók een keuze is.

cobouwColumn111115