Wat we bouwen ter bescherming, kan bepalen hoe ver we groeien.

Veranderingen stranden zelden op weerstand. Ze stranden op wat mensen te verliezen hebben.

In mijn vorige post schreef ik dat de informele norm vaak sterker is dan de formele koers. Daardoor beweegt organisatiecultuur pas, als informele leiders onderdeel worden gemaakt en zich onderdeel voelen van de verandering.

Cultuur bestaat uit o.a. waarden en normen. Kort door de bocht: waarden zijn wat men belangrijk zegt te vinden en normen zijn de ongeschreven spelregels die bepalen welk gedrag wordt beloond, beschermd of bestraft.

In elke organisatie beschermen normen iets:
– psychologische veiligheid
– status en invloed
– voorspelbaarheid
– saamhorigheid
Daarom zijn ze zo hardnekkig.

Een norm die conflict vermijdt, houdt de sfeer rustig, maar voorkomt dat besluiten echt worden bevraagd.
Een norm die snelheid beloont, houdt de productie hoog, maar vergroot de kans dat risico’s worden genegeerd.
Een norm die loyaliteit waardeert, versterkt verbondenheid maar dempt tegenspraak.

𝗡𝗼𝗿𝗺𝗲𝗻 𝘇𝗶𝗷𝗻 𝘇𝗲𝗹𝗱𝗲𝗻 𝗵𝗲𝘁 𝗽𝗿𝗼𝗯𝗹𝗲𝗲𝗺. 𝗭𝗲 𝗵𝗼𝘂𝗱𝗲𝗻 𝗲𝗲𝗻 𝗲𝘃𝗲𝗻𝘄𝗶𝗰𝗵𝘁 𝗶𝗻 𝘀𝘁𝗮𝗻𝗱 𝗱𝗮𝘁 𝗶𝗲𝗺𝗮𝗻𝗱 𝗱𝗶𝗲𝗻𝘁 𝗲𝗻 𝗶𝗲𝗺𝗮𝗻𝗱 𝗮𝗻𝗱𝗲𝗿𝘀 𝗯𝗲𝗽𝗲𝗿𝗸𝘁. 𝗜𝗲𝗱𝗲𝗿𝗲𝗲𝗻 𝗱𝗿𝗮𝗮𝗴𝘁 𝗱𝗮𝗮𝗿𝗮𝗮𝗻 𝗯𝗶𝗷.

Zolang die bescherming niet bespreekbaar wordt, blijf je sleutelen aan gedrag terwijl de belangen intact blijven. Dan verandert er aan de oppervlakte veel, maar wezenlijk niet genoeg.

Bestuurders sturen op ambitie, teams op continuïteit en tussen die twee groeit de spanning waar cultuurveranderingen vaak over struikelen.

De vraag is dus niet ‘𝘸𝘦𝘭𝘬𝘦 𝘯𝘪𝘦𝘶𝘸𝘦 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘥𝘦𝘯 𝘷𝘰𝘦𝘨𝘦𝘯 𝘸𝘦 𝘵𝘰𝘦?’, maar: ‘𝘸𝘦𝘭𝘬𝘦 𝘣𝘦𝘴𝘤𝘩𝘦𝘳𝘮𝘪𝘯𝘨 𝘥𝘶𝘳𝘷𝘦𝘯 𝘸𝘦 𝘭𝘰𝘴 𝘵𝘦 𝘭𝘢𝘵𝘦𝘯?’ Individueel én collectief. Wat we beschermen, bepaalt wat we werkelijk kunnen veranderen.

#organisatiecultuur #leiderschap #cultuurverandering #organisatieontwikkeling #gedrag

Foto: Positano – Amalfikust, Italië